Zondag 19 april •Third Sunday of Easter
In Gods aanwezigheid
Heer, help me om volledig te leven in Uw heilige aanwezigheid. Omarm me in Uw liefde. Laat mijn hart één worden met het Uwe.
Vrijheid
Heer God, ik dank U voor het geschenk van vrijheid.
Help mij om dit cadeau oprecht te gebruiken.
Ik ben vrij om keuzes te maken.
Help me om ervoor te kiezen om U te volgen,
om op een christelijke manier te leven door voor anderen te zorgen.
Herinner me eraan om altijd rekening te houden met hen die minder geluk hebben dan ik:
de onderdrukten, de gevangenen, degenen die niet vrij zijn om in het openbaar hun geloof te belijden.
Leid me altijd om Uw heilige wil te zoeken in alle gebeurtenissen van mijn leven.
Bewustzijn
Ik herinner mezelf eraan dat ik in de aanwezigheid van de Heer ben.
Ik zal mijn toevlucht zoeken in zijn liefdevolle hart.
Hij is mijn kracht in tijden van zwakte.
Hij is mijn trooster in tijden van verdriet.
Het Woord van God
Lucas 24, 13-3513Op de eerste dag der week waren er twee leerlingen van Jezus op weg naar een dorp dat Emmaüs heette en dat zestig stadiën van Jeruzalem lag. 14Zij spraken met elkaar over alles wat was voorgevallen. 15Terwijl zij zo aan het praten waren en van gedachten wisselden, kwam Jezus zelf op hen toe en Hij liep met hen mee. 16Maar hun ogen werden verhinderd Hem te herkennen. 17Hij vroeg hun: “Wat is dat voor een gesprek dat gij onderweg met elkaar voert?” Met een bedrukt gezicht bleven ze staan. 18Een van hen, die Kléopas heette nam het woord en sprak tot Hem: “Zijt Gij dan de enige vreemdeling in Jeruzalem, dat Gij niet weet wat daar dezer dagen gebeurd is?” 19Hij vroeg hun: “Wat dan?” Ze antwoordden Hem: “Dat met Jezus de Nazarener, een man die profeet was, machtig in daad en woord in het oog van God en van heel het volk; 20hoe onze hogepriesters en overheidspersonen Hem hebben overgeleverd om Hem ter dood te laten veroordelen en hoe zij Hem aan het kruis hebben geslagen. 21En wij leefden in de hoop dat Hij degene zou zijn die Israël ging verlossen! Maar met dit al is het reeds de derde dag sinds die dingen gebeurd zijn. 22Wel hebben een paar vrouwen uit ons midden ons in de war gebracht; ze waren in de vroegte naar het graf geweest 23maar hadden zijn lichaam niet gevonden en ze kwamen zeggen dat zij ook nog een verschijning van engelen hadden gehad, die verklaarden dat Hij weer leefde. 24Daarop zijn enkelen van de onzen naar het graf gegaan en zij bevonden het zoals de vrouwen gezegd hadden, maar Hem zagen ze niet.” 25Nu sprak Hij tot hen: “O onverstandigen, die zo traag van hart zijt in het geloof aan alles wat de profeten gezegd hebben! 26Moest de Messias dat alles niet lijden om in zijn glorie binnen te gaan?” 27Beginnend met Mozes verklaarde Hij hun uit al de profeten wat in al de Schriften op Hem betrekking had.
28Zo kwamen ze bij het dorp waar ze heen gingen, maar Hij deed alsof Hij verder moest gaan. 29Zij drongen bij Hem aan: “Blijf bij ons, want het wordt al avond en de dag loopt ten einde.” Toen ging Hij binnen om bij hen te blijven. 30Terwijl Hij met hen aanlag nam Hij brood, sprak de zegen uit, brak het en reikte het hun toe. 31Nu gingen hun ogen open en zij herkenden Hem, maar Hij verdween uit hun gezicht. 32Toen zeiden ze tot elkaar: “Brandde ons hart niet in ons, zoals Hij onderweg met ons sprak en ons de Schriften ontsloot?” 33Ze stonden onmiddellijk op en keerden naar Jeruzalem terug. Daar vonden ze de elf met de mensen van hun groep bijeen. 34Dezen verklaarden: “De Heer is werkelijk verrezen, Hij is aan Simon verschenen.” 35En zij van hun kant vertelden wat er onderweg gebeurd was en hoe Hij door hen herkend werd aan het breken van het brood.
Inspiratie
Dit reisverhaal is prachtig en bemoedigend omdat het beschrijft hoe de tocht naar buiten en het innerlijk traject elkaar kunnen ondersteunen om ons geloof intact te houden. De twee leerlingen starten hun tocht in een zeer slechte toestand met hun blik ‘naar beneden gericht’, en ze lopen de foute kant op, weg van Jeruzalem. Jezus daagt op, ongemerkt en niet herkend, zoals hij zo vaak doet. Met behendigheid en tederheid brengt hij hen ertoe om hun verhaal te vertellen. Ze moesten hem niet eens vinden. Hij vond hen.
Gesprek
Ik begin met Jezus te praten over het stuk uit de bijbel dat ik net heb gelezen.
Welk deel ervan raakt me?
Misschien komen de woorden van een vriend, of een verhaal dat ik onlangs heb gehoord, of een ervaring,
langzaam naar de oppervlakte van mijn bewustzijn.
Als dat zo is, werpt deze herinnering dan licht op wat de bijbelpassage me misschien probeert te zeggen?
Besluit
Ik dank God voor zijn geschenk van liefde
terwijl ik verder ga met vreugde en hoop
om Zijn volk te dienen.
Amen
Printed from Sacred Space: https://sacredspace.com/nl/daily-prayer/2026-04-19/
Copyright © 1999-2026 Sacred Space. All rights reserved.
Gewijde Ruimte is een werk van de Ierse Jezuïeten.