Matteüs 10, 1-7
1Toen riep Jezus zijn twaalf leerlingen bij zich en gaf hun de macht om de onreine geesten uit te drijven en alle ziekten en kwalen te genezen. 2Dit zijn de namen van de twaalf apostelen als eerste: Simon, die Petrus wordt genoemd, met zijn broer Andreas; Jakobus, de zoon van Zebedeüs, met zijn broer Johannes; 3Filippus en Bartolomeüs, Tomas en Matteüs de tollenaar, Jakobus, de zoon van Alfeüs, Taddeüs, 4Simon de IJveraar en Judas Iskariot, die Hem verraden heeft.
5Deze twaalf zond Jezus uit met de opdracht: “Begeeft u niet onder de heidenen en gaat niet binnen in een stad van de Samaritanen; 6gij moet veeleer gaan naar de verloren schapen van het huis van Israël. 7Verkondigt op uw tocht: Het Koninkrijk der hemelen is nabij.”,
“Copyright © 2021 National Council of Churches of Christ in the United States of America. Used by permission. All rights reserved worldwide.”
Reflectie on Matteüs 10, 1-7
Inspiratie - 2025-07-09 Dagelijks Gebed
In de aanwezigheid van Jezus, toen Hij onder ons leefde, is het Koninkrijk van God dichtbij gekomen. Hij wandelt nog steeds met ons mee en nodigt ons uit om zijn ogen, zijn handen, zijn stem en zijn voeten te zijn, om zo de Blijde Boodschap van het Koninkrijk aan anderen te brengen.
Laten we het gebed van de heilige Teresa van Ávila bidden:
‘Christus heeft geen lichaam op aarde dan het jouwe,
geen handen dan de jouwe,
geen voeten dan de jouwe.
Jouw ogen zijn de ogen waardoor
Christus met ontferming naar de wereld kijkt.
Jouw voeten zijn de voeten
waarmee Hij rondgaat om goed te doen.
Jouw handen zijn de handen
waarmee Hij de wereld zegent.
Jouw handen, jouw voeten, jouw ogen –
jij bent zijn lichaam.
Christus heeft geen lichaam nu op aarde dan het jouwe.’
Amen.