Matteüs 10, 16-23
16“Zie, Ik zend u als schapen tussen wolven. Weest dus omzichtig als slangen en argeloos als duiven. 17Neemt u in acht voor de mensen. Zij zullen u overleveren aan de rechtbanken en u geselen in hun synagogen.18Gij zult voor stadhouders en koningen gebracht worden omwille van Mij, om zo ten overstaan van hen en de heidenen getuigenis af te leggen. 19Maakt u echter wanneer men u overlevert niet bezorgd over het hoe of wat van uw spreken op dat ogenblik zal u worden ingegeven wat gij moet zeggen. 20Want niet gij zijt het die spreekt, maar door u spreekt dan de Geest van uw Vader. 21De ene broer zal de andere overleveren om hem te laten doden, de vader zijn kind; de kinderen zullen opstaan tegen hun ouders en hen ter dood doen brengen. 22Ge zult een voorwerp van haat zijn voor allen, omwille van mijn Naam. Wie echter ten einde toe volhardt, hij zal gered worden. 23Wanneer men u in de ene stad vervolgt vlucht dan naar een andere. Voorwaar, Ik zeg u: Gij zult niet gereed gekomen zijn met de steden van Israël op het ogenblik dat de Mensenzoon komt.”
“Copyright © 2021 National Council of Churches of Christ in the United States of America. Used by permission. All rights reserved worldwide.”
Reflectie bij on Matteüs 10, 16-23
Inspiratie - 2026-07-10 Dagelijks Gebed
Jezus herinnerde de discipelen eraan dat aanvaarding niet vanzelfsprekend was. Er zou afwijzing en leed zijn, net zoals Hij dat had meegemaakt. We bidden om de vrijheid en de moed om in Jezus’ naam op pad te gaan, met onze aandacht gericht op de gave die we moeten delen.
Ook in moeilijke tijden worden we opgeroepen om op God te vertrouwen als het gaat om wat we moeten zeggen, want wat nodig is, zal ons gegeven worden. Heer, geef ons de kracht om afwijzing en verraad te aanvaarden, zelfs als dat van onze eigen mensen komt, in het besef dat uw eigen volk U niet heeft aangenomen (Joh 1,11).