Matteüs 9, 32-37

32Terwijl ze weggingen bracht men Jezus een stomme die door de duivel bezeten was. 33Zodra de duivel was uitgedreven begon de stomme te spreken. De mensen zeiden vol verbazing: “Nog nooit heeft men in Israël zó iets gezien.” 34Maar de Farizeeën zeiden: “De vorst der duivels stelt Hem in staat de duivels uit te drijven.”

35Jezus ging rond door alle steden en dorpen, waar Hij onderricht gaf in hun synagogen en de Blijde Boodschap verkondigde van het Koninkrijk en alle ziekten en kwalen genas. 36Bij het zien van die menigte mensen werd Hij door medelijden bewogen, omdat ze afgetobd neerlagen als schapen zonder herder. 37Toen sprak Hij tot zijn leerlingen: “De oogst is wel groot maar arbeiders zijn er weinig.”


Reflectie bij on Matteüs 9, 32-37

Inspiratie - 2026-07-07 Dagelijks Gebed

Mensen die hulpeloos waren en lastiggevallen werden, wisten vaak niet waar ze terecht konden. Goede herders waren toen, net als nu, moeilijk te vinden. Heer, wij vragen U om hulp en raad: hoe kunnen wij het beste reageren wanneer mensen in nood bij ons aankloppen?